De kracht van Du’a!

Allah lof zij aan Allah onze Barmhartige Heer. Hij Die ervan houdt om gevraagd te worden en de smeekbeden van Zijn dienaren verhoort.

Eén van de meest vrome daden die je als moslim kunt verrichten is Du’a; het aanroepen van Allah de meest Verhevene. Allah zegt: 

Jullie Heer zei: roep Mij aan en Ik verhoor jullie. [40:60]

En de profeet vrede zij met hem zei:

“Du’a dat is dé aanbidding.” [Tirmidhi]

Het aanroepen van Allah was één van de gewoontes van de profeten. Zoals Allah bijvoorbeeld vertelt over de profeet Ayoub vrede zij met hem:

“En (gedenkt) Ayoub toen hij zijn Heer aanriep (en zei:) “Voorwaar, tegenspoed heeft mij getroffen en U bent de Barmhartigste der Barmhartigen. Toen verhoorden Wij hem en hieven de tegenspoed voor hem op.” [21:83,84]

Deze aanbidding mag alleen naar Allah de meest Verhevene worden gericht. Wie zijn smeekbede richt tot iets of iemand anders dan Allah, begaat shirk. Dat is dé grootste zonde.

Er zijn geen tussenpersonen tussen ons en Allah, daarom richten wij ons direct tot Hem. Allah zegt:

“En wanneer Mijn dienaren jou (O Mohammed) vragen stellen over Mij: voorwaar, Ik ben nabij (met Zijn kennis), Ik verhoor de smeekbede van de smekende wanneer hij Mij smeekt. Laten ze aan mij gehoor geven en in mij geloven opdat zij rechtgeleid zullen zijn.” [2:186]

De Du’a heeft bepaalde (aanbevolen) manieren:

  • De Du’a beginnen met het prijzen van Allah en het uitspreken van vrede zegeningen over de profeet.
  • Handen opheffen tijdens de Du’a.
  • De Du’a herhalen en aandringen op datgene wat wordt gevraagd.
  • Nederigheid en concentratie (i.e. niet afdwalen in gedachte tijdens de smeekbede).
  • Wodoe hebben.
  • Je wenden tot de Qiblah.

Ook is het aanbevolen om Du’a te verrichten voor jouw medemoslims, met name buiten hun weten om. Want in een authentieke overlevering staat dat een engel dan zegt:

“Amin, en voor jou is er het soortgelijke”.  [Sahih Moslim]

Er zijn bepaalde tijden waarop de smeekbede extra wordt verhoord. Deze zijn o.a.:

  • Laatste derde deel van de nacht (nacht is de tijd tussen magreb en fajr).
  • Tussen de adhaan en iqama van het verplichte gebed.
  • Tijdens de sodjoed (wanneer het voorhoofd op de grond is tijdens het gebed).
  • Aan het einde van het gebed, vóór de tasleem (de groet links en rechts).
  • Op vrijdag, en dan met name vóór zonsondergang.
  • Bij het drinken van zamzam.
  • Wanneer je op reis bent.
  • Wanneer het regent.
  • Wanneer jou onrecht is aangedaan.

Ook zijn er bepaalde zaken die het beantwoorden van de Du’a in de weg staan. Deze zijn de zondes in het algemeen en het bezitten en gebruikmaken van verboden (verworven) inkomsten in het specifiek.

De voorkeur gaat uit naar het verrichten van Du’a met de smeekbedes die zijn overgeleverd in de Koran en sunnah, aangezien deze al het goede van dit wereldse leven en het hiernamaals bevatten. Dit neemt echter niet weg dat een persoon een andere Du’a verricht dan is overgeleverd wanneer daar aanleiding tot is. De Du’a mag ook in eigen taal worden verricht, voor diegene die de Arabische taal niet machtig is.

Een van drie
Wanneer de gelovige Allah aanroept, dan krijgt die een van de drie volgende zaken, zoals dat in een authentieke overlevering staat:

  1. Hij krijgt datgene waarvoor hij Du’a heeft gedaan.
  2. In de plaats van datgene wat hij heeft gevraagd, wordt iets van het slechte soortgelijk aan de Du’a van hem afgewend.
  3. De beloning voor de Du’a wordt voor hem bewaard en hij krijgt deze op de Dag des Oordeels.

Toen de metgezellen van de profeet deze overlevering hoorden, zeiden zij: Dan zullen we veel Du’a verrichten! Hierop zei de profeet: ِ’Allah’s (barmhartigheid en gunst) is meer (dan wat jullie van Hem vragen)!’

Uit de voorgaande overlevering maken we op hoe enorm de barmhartigheid van Allah is en dat Hij Zijn dienaren niet met lege handen achterlaat. En dat het niet noodzakelijk is dat we datgene krijgen waarnaar we vragen in onze Du’a en dat dat ook niet betekent dat de Du’a niet is verhoord.

Allah de meest Verhevene is de Alwijze en de Alwetende. Hij heeft kennis van wat is geweest en wat zal komen. Vaak wensen wij iets vurig terwijl datgene in werkelijkheid niet goed voor ons is, hoe moeilijk dat soms ook in te beelden is. Vaak wensen we iets spoedig, terwijl het juiste moment voor datgene wat we vragen nog nog niet is aangebroken en Allah het verhoren van de smeekbede daarom uitstelt.

De gelovige ontdoet zich van al datgene wat het beantwoorden van de Du’a in de weg kan staan, zoals verboden (verworven) inkomsten en verricht Du’a. Hij herhaalt deze, dringt aan bij Allah, gaat ervan uit dat deze wordt verhoord en wanhoopt niet. De profeet vrede zij met hem zei: “Jullie smeekbedes worden verhoord zolang jullie niet haastig zijn.” Daarop vroegen de metgezellen wat met ‘haastig zijn’ wordt bedoeld. Hierop zei de profeet: “Jullie verrichten smeekbeden en vervolgens zeggen jullie ‘mijn smeekbede is niet verhoord’ en laten jullie het verrichten van Du’a.” [Sahih Muslim]

Beste broeders en zusters

De gelovige verlangt naar de gunsten van Allah en Zijn barmhartigheid en vraagt Hem continu en vertrouwt erop dat zijn Heer hem datgene geeft wat goed voor hem is. De gelovige beseft zich, wanneer hij Allah vraagt, dat hij Degene vraagt in Wiens Handen de heerschappij van de hemelen en aarde is en Die barmhartiger voor ons is dan wij voor onszelf zijn. De profeet vrede zij met hem overlevert van zijn Heer dat Hij zei:

“O Mijn dienaren, als de gehele schepping van begin tot eind, en zowel de mensen als de djinn (geesten), allen bijeen zouden komen op een uitgestrekte vlakte en iedereen zou Mij iets vragen, zou Ik iedereen datgene geven wat die wenst zonder dat dit ook maar iets van Mijn heerschappij vermindert! [Sahih Muslim]

Een fout die velen van ons maken, is dat wanneer zij ergens mee zitten, zij overal aankloppen voor hulp en vergeten Allah te vragen. Hij Die wanneer Hij iets wilt, er ‘wees’ tegen zegt en het is!

En dit terwijl wij in elke rak’ah (eenheid van het gebed) surah al-fatiha reciteren en in het vierde vers zeggen wij: “Alleen U aanbidden wij en alleen U vragen wij om hulp.”

Kan iets of iemand anders dan Allah de tegenspoed die jou heeft getroffen, wegnemen? Allah zegt:

“En als Allah jou met tegenspoed treft dan is er niemand die het kan wegnemen, behalve Hij.” [10: 107]

Alleen al de zoetheid en de verlichting voor het hart die het aanroepen van Allah met zich meebrengt is voldoende reden om het jouw gewoonte te maken.

Gezegend is degene die deze gezegende dagen en nachten aangrijpt om Allah al het goede van dit wereldse leven en het hiernamaals te vragen. Hij die ervan houdt om gevraagd te worden.

(Source: Kennisviamail.nl / 08.06.2017)

Advertisements

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s